nieuws

Aan de slag met Sermi, wat en hoe..?

Leuk, Sermi is actief, ik heb mijn certificaat, maar wat wordt er nu van mij verwacht? Wat moet ik allemaal bijhouden en hoe gaan de procedures Hieronder volgen een aantal stappen die gedaan moeten worden bij Sermi gerelateerde activiteiten.

Stap 1: Klantverificatie: Hier ga je na en maak je een registratie van wie de klant is. Een medewerker controleert de identificatie van de klant die het voertuig heeft binnengebracht. Let op, je moet dus je klant gaan legitimeren. Dat was je niet gewend, maar moet nu wel. Bij diensten op afstand, zoals bij remote diagnose wordt deze controle uitgevoerd door het geaccrediteerde bedrijf waar het voertuig zich bevindt, waarbij de medewerker van het geaccrediteerde bedrijf verantwoordelijk blijft voor de klantencontrole.

Bekijk en download ons voorbeeldformulier: GMTO voorbeeldformulier

Stap 2: Voertuigverificatie: De medewerker controleert of het voertuigidentificatienummer (VIN) van het voertuig hetzelfde is als het VIN op de registratiedocumenten. In het geval van diensten op afstand wordt deze controle uitgevoerd door het geaccrediteerde bedrijf waar het voertuig zich bevindt, waarbij de medewerker van het geaccrediteerde bedrijf verantwoordelijk blijft voor de VINcontrole op het voertuig.

Stap 3: Autoriteitsverificatie: De bevoegdheid van de klant om de reparatie toe te staan moet worden gecontroleerd door middel van een gewaarmerkte machtigingsbrief voor de gevraagde actie. De bevoegdheid hiervoor ligtbij de geregistreerde eigenaar. Dit kan ook gedaan worden met een gelijkwaardige procedure.

Als de bevoegdheid niet wordt vastgesteld door middel van een controleerbaar proces, dan mag de auto niet worden gerepareerd totdat het benodigde bewijs is overlegd. In het geval van redelijke gronden voor verdenking mag de medewerker niet doorgaan. Indien mogelijk en van toepassing moet de situatie worden gemeld aan de relevante autoriteiten.

Stap 4: Klantverificatie: De volgende stap is het uitgeven van de reparatieopdracht met behulp van een werkordersysteem (of iets vergelijkbaars). De reparatie/werkorderopdracht bevat ten minste de volgende gegevens:

Kentekennummer

  • Nummer D.1 van het kentekenbewijs (dit is het merk)
  • Nummer D.2 van het kentekenbewijs (dit is het typenummer)

Ook moet de opdracht alle gegevens bevatten die worden gebruikt om de klant en zijn bevoegdheid te identificeren.

De huidige kilometerstand en de reden voor de reparatie moeten worden genoteerd, en de reparatieopdracht moet worden ondertekend door de klant (eigenaar en/of de persoon die het voertuig naar de IO brengt). Ondertekende reparatiebonnen moeten minimaal 5 jaar worden bewaard door de IO. Een digitale kopie is toegestaan voor opslag doeleinden. (IO staat voor independent operator)

nieuwsAan de slag met Sermi, wat en hoe..?